Ik wou dat ik een haantje was

Hanen hebben ingebouwde gehoorbescherming. Dat blijkt uit onderzoek van de universiteit van Antwerpen. Wat?

Zelfregulatie

Een beetje haan kukelt 140 decibel bij elkaar. Dat is meer herrie dan een opstijgend vliegtuig. Geen wonder dat hanen in woonwijken geen vrienden maken. Zelf blijkt de haan er geen last van te hebben. Zodra zijn bek wijd open gaat, sluit een speciaal botje zijn gehoorgang af.

Dat zou voor ons ook best handig zijn. Ons gehoor doet het tegenovergestelde. Alle geluidsgolven die binnenkomen, brengen kleine haarcellen in beweging, waardoor onze hersenen geluidsignalen binnenkrijgen. De toonhoogtes die nodig zijn voor spraak, worden door de hersenen versterkt. Ons eigen gekakel en dat van anderen horen we daardoor juist harder.

Volgens mij versterkt het brein niet alleen bepaalde frequenties, maar ook bepaalde woorden. Laat een klein kind ‘Mama’ roepen en alle vrouwen met jonge kinderen zullen met wijd opengesperde ogen en gespitste oren de omgeving afspeuren naar het gevaar dat haar kind bedreigt.

In datzelfde kader zou zo’n ingebouwd gehoorbeschermingsklepje ook handig zijn. Zinnen als ‘Mama, mama, mama, mama’ of ‘Aaaah, hij duwt/bijt/schopt me en ik deed niiiiiiks’ triggeren dat klepje en voilà mama geniet van de serene stilte.

Doof

Maar helaas, wij hebben geen klepje dat dichtgaat, zodra het lawaai te gek wordt. Geluidsgolven komen ongehinderd binnen en belasten de haarcellen. Bij te hard geluid knikken deze haartjes. Je krijgt dan het welbekende suizen of piepen nadat je bij een concert geweest bent. Die haarcellen hebben een zekere mate van herstellend vermogen, maar ze kunnen stuk. Te veel geluid geeft geleidelijk steeds meer gehoorschade. Uiteindelijk word je geconfronteerd met een televisie die steeds harder moet en met onbegrijpelijk gemompel van gesprekspartners op feestjes.

Zelf kijk ik Engelstalige series met ondertiteling. ‘Goed voor mijn Engels’ roep ik dan vol overtuiging tegen mijn kinderen. Sure. Dat en de vele rondgangen in fabrieken waar ik even mijn gehoorkappen afdeed om het naadje van de kous te weten te komen over het proces en de machines. Inmiddels heb ik superfijne op maat gemaakte otoplastieken met een filter waardoor je beschermd bent tegen het geluid, maar toch prima kunt communiceren. Die draag ik consequent. Ook bij zomerfeesten of concerten trouwens.

Musici

Schadelijk geluid vind je niet alleen in fabrieken. Lawaaidoofheid is een bekend en gevreesd fenomeen onder beroepsmusici. Je zult je geld maar verdienen met je grootste passie en er dan achter komen dat je het allemaal niet meer zo zuiver hoort.

Een manier die orkesten hebben gevonden om geluidsbelasting te verminderen, is het scheppen van afstand tussen groepen. En het aanbrengen van hoogteverschillen in het podium, zodat het koper letterlijk over de strijkers heen blaast.

Niet auditieve effecten

Al met al worden jaarlijks zo’n 2500 meldingen van beroepsdoofheid gedaan bij het Nederlands Centrum voor Beroepsziekte. En lawaai leidt niet alleen tot gehoorschade. Langdurig werken of verblijven in herrie heeft ook zogenaamde niet-auditieve effecten; verhoogde hartfrequentie, verhoogde bloeddruk, slaapproblemen, concentratievermindering, toename van stresshormonen, hoofdpijn, duizeligheid en zo nog meer.

Geen herrie

Redenen genoeg om maatregelen te nemen tegen lawaai. Liefst bij de bron: geen herrie. Een mooi voorbeeld is het gebruik van schroefpalen in plaats van de traditionele knal-er-maar-in-heipalen. Vaak wordt dat vooral voor de buren gedaan, maar het vermindert de geluidsbelasting voor de heiers ook aanzienlijk.

Als bronaanpak niet kan, proberen we de overdracht van het geluid te voorkomen of te verminderen. Dan gaan we omkasten, isoleren, mensen in cabines zetten enzovoort. Pas als niets anders meer helpt, gebruiken we gehoorbescherming om schade te voorkomen. Net als de haan met dat klepje.

In woonwijken pleit ik voor de haan overigens ook voor bronaanpak. Hou het lekker bij kippetjes die met 70 decibel pok-pok-pokkend rondscharrelen. Haantjes alleen op het platteland of half bij de snackbar. Denk de knipoog erbij.

Meer weten?

 

Op 19 februari 2018 gepubliceerd bij Arbo-online.

Photocredit: iStock – weerachonoat

Blader door de blogs:

22 januari 2018
Tamara Onos